'Ik leef voor het School en Volksfeest'

Johan Harperink maakt boek vol foto's en verhalen

 

GOOR zaterdag 15 november 2008 De schooier van de loods wordt hij genoemd. En ook Johan van 'n Haan. Die bijnaam dankt hij aan zijn opa, timmerman van beroep, en altijd haantje de voorste wanneer er ergens een karweitje was. Johan Harperink (58) schaamt zich er geen moment voor. Hij is net als zijn opa, zijn vader en zijn zoon Nickey (11) helemaal weg van de optocht tijdens het jaarlijkse School en Volksfeest.

Negen maanden per jaar is hij er mee bezig. "Ik leef voor het School en Volksfeest", zegt hij. Johan is nu ook nog bezig met het maken van een groot boek vol foto's en verhalen. De organisatie van het School en Volksfeest en de Eswebe hebben al hun steun toegezegd aan het project van Johan. "Ik zoek nu vooral nog foto's uit de jaren 50 en 60", vertelt Johan, terwijl hij met zijn vrouw Herma (41) op de foto gaat op het Schoolfeestplein bij het gemeentehuis.

Johan Harperink en zijn vrouw Herma

Boven: Johan en Herma Harperink gaan een boek maken over het school en volksfeest in Goor.

 

 

"Veel foto's zijn helaas verloren gegaan." Meer dan honderd jaar is de familie Harperink al betrokken bij het festijn. "Ik kom uit een gezin van negen kinderen. Mijn vader was al jaren actief toen wij als kinderen apart in een groep meededen. Hij eindigde op de zevende plek en wij werden gelijk derde. Dat vond hij helemaal niet leuk." Vroeger ging het bouwen van wagens heel anders dan tegenwoordig. "Mijn vader begon op vrijdagavond te timmeren. De hele buurt deed dan mee. Zondagochtend was hij klaar maar dan was de verf natuurlijk nog niet droog. Toen we het sprookje van de wolf en de zeven geitjes uitbeeldden moest één van de witte geitjes op de wagen steeds langs een wand lopen. In een mum van tijd was de vacht helemaal bruin van de verf."

Tegenwoordig beginnen de voorbereidingen al negen maanden voor de optocht. Er worden ideeën geopperd en tekeningen gemaakt. Drie maanden voor het feest, begint het timmerwerk. Meer dan duizend euro is Johan Harperink zeker kwijt voor de wagen. Maar hij krijgt ook veel steun van de plaatselijke ondernemers. "Verf, hout, stoffen, ik kan eigenlijk alles wel gebruiken. Je moet ook wel een beetje brutaal zijn. Maar de echte Goorse ondernemers maken nergens een probleem van."

In april beginnen de straten en buurten aan de bouw van de wagens in de loods aan de Nijverheidsweg. De mooiste wagen vond Johan Harperink de 'Never ending story'. Een grimeur uit Hengelo deed de 'finishing touch'. "Mijn eigen zuster herkende me niet meer." Ook beeldden zij een keer kannibalen uit. "We waren allemaal zwart gemaakt en m'n broer, die blank was gebleven, zat in een enorme kookpot. We gingen hem zogenaamd opeten. Maar die kookpot zat niet goed vast. Op een gegeven moment rolde de pot met mijn broer erin van de kar af, de straat door. M'n broer schelden en vloeken, joh. Maar we kregen door die stunt wel mooi de derde prijs."